Gaza: record aantal dodelijke aanvallen op journalisten

Sinds Israël het staakt-het-vuren in Gaza eenzijdig verbrak zijn minstens twaalf Palestijnse journalisten om het leven gekomen. Dat is een macaber gemiddelde van elke twee dagen één gedode journalist. De laatste gerichte Israëlische aanval vond plaats in de nacht van maandag 7 april, op een tent met slapende journalisten in Khan Younis.

Doel van de aanval was, zo liet het Israëlische leger op sociale media weten, journalist Hassan Islayh gevangen te nemen. Dat klinkt onwaarachtig omdat het door een drone afgeschoten projectiel gericht was op de mobiel van Islayh. Als de journalist de mobiel dichter bij zijn lichaam had gehad en niet even een luchtje buiten de tent had geschept, was hij zeker om het leven gekomen. Nu werd hij ernstig gewond aan zijn rechterhand en hoofd. Maar is hij buiten levensgevaar.

Hassan Islayh is een bekende mediapersoonlijkheid in Gaza. Hij heeft honderdduizenden volgers op Instagram en YouTube en werkt voor het nieuwsagentschap Falastin al-Youm (Palestina Vandaag). Israël beschuldigt Islayh ervan lid van Hamas te zijn. Hij zou volgens de Israëli’s de “plunderingen, brandstichting en moordpartijen” op 7 oktober 2023 hebben gefilmd. Palestijnse bronnen ontkennen dat hij lid is van Hamas en zeggen dat hij juist een belangrijke rol speelde bij het documenteren van het conflict en van de zware oorlogsomstandigheden waar de bevolking in Gaza al anderhalf jaar onder te lijden heeft.

Foto: International Media Support

Hoe het zij, zelfs al zou zijn journalistieke werk kunnen worden opgevat als Hamas-propaganda (wat dus ontkend wordt), maakt dat van hem een legitiem doelwit voor het Israëlische leger om te ‘elimineren’?

Het is een terugkerende vraag tijdens conflicten: kunnen er omstandigheden zijn die rechtvaardigen dat journalisten worden getroffen? De NATO vond van wel toen zij op 23 april 1999 het hoofdkwartier van het Servische tv-station RTS in Belgrado bombardeerde. Zestien RTS-werknemers kwamen om het leven. Volgens de NATO zond RTS Servische propaganda uit. Maar Amnesty International en andere mensenrechtenorganisaties spraken van een oorlogsmisdaad. Journalisten en andere mediawerkers zijn burgers en zijn geen legitieme doelwitten.

Enkele uren na de aanval kwam RTS weer in de lucht en werd de programmering hervat. Het was dus niet gelukt de zender het zwijgen op te leggen. Later verklaarden NATO-woordvoerders aan Amnesty International dat het doel van het bombardement was het moreel van de Servische bevolking en strijdkrachten te ondermijnen.

In de oorlog in Oekraïne werd Rusland er verschillende keren van beschuldigd hotels te bombarderen waarvan bekend was dat er buitenlandse journalisten verbleven. Doel zou zijn journalisten te intimideren en te ontmoedigen te berichten over het conflict. In augustus werd een hotel in de Oekraïense stad Kramatorsk aangevallen waar een ploeg van persbureau Reuters verbleef. Hierbij vielen één dode en twee gewonden onder het Reuters personeel.

Geen oorlog of gewapend conflict zonder journalisten als dodelijke slachtoffers: de prijs om de buitenwereld te informeren is vaak angstaanjagend hoog. Maar Gaza slaat alles. Volgens een rapport van de Amerikaanse Brown Universiteit zijn er in Gaza meer journalisten gedood sinds 7 oktober 2023 dan in de Amerikaanse burgeroorlog, de twee wereldoorlogen, de oorlogen in Zuid-Oost Azië (Korea, Vietnam, Cambodia), Joegoslavië en Afghanistan samen.

Volgens het Committeer to Protect Journalists is er in Gaza sprake van systematische aanvallen op journalisten en mediaorganisaties. Israël laat geen buitenlandse journalisten toe tot Gaza en al het nieuws uit de belegerde enclave wordt verzorgd door lokale Palestijnse journalisten. Ook de beelden die de NOS, BBC en CNN laten zien worden gefilmd door lokale cameralieden. De berichtgeving door Palestijnse (burger-) journalisten staat vaak haaks op de officiële versie van het Israëlische leger. Zo ontkrachtten videobeelden van het incident waarbij vijftien hulpverleners om het leven kwamen, het officiële verhaal dat de hulpverleners niet als zodanig herkend konden worden. Ook reden ze niet met gedoofde lichten maar hadden juist zwaailichten aan en ze vormden geen enkel gevaar voor de Israëlische militairen.

Het Israëlisch geweld is in toenemende mate buitenproportioneel. Bij de poging om Hassan Islayh uit te schakelen kwamen twee andere journalisten en een minderjarige man, die in de tent lagen te slapen, om het leven. Journalist Hilmi Faqaawi verbrandde levend en was niet meer te redden. Journalist Ahmed Mansour bezweek later aan zijn brandwonden. Een aantal andere journalisten, waaronder medewerkers van de BBC en Russia Today, raakten gewond door rondvliegende scherven.

De gerichte aanval vond plaats op het tentenkamp waar lokale journalisten al sinds het begin van de oorlog gebruik van maken om te werken en te slapen. Het is opgezet naast het Nasser Ziekenhuis en de tenten zijn duidelijk gemarkeerd als plek waar zich journalisten bevinden. Maar in Gaza biedt het opschrift Press, evenmin als de schervenvesten, veiligheid.

Een van de journalisten die gewond raakte in de aanval schreef later dat hij in het vervolg de mediatent zal mijden: te gevaarlijk. ‘Thuis zitten is ook geen optie. Mensen kunnen zich niet voorstellen wat wij hier meemaken. We zijn niet van staal. Van binnen ben ik kapot, maar ik ga door met m’n verslaggeverswerk. Al was het alleen maar om de nagedachtenis van mijn collega’s te eren.’

Dit artikel werd op 14 april 2025 geplaatst door de Leeuwarder Courant en op 16 april in het Dagblad van het Noorden

.

Goed nieuws uit Gaza duurt niet lang

Heel soms is er goed nieuws uit Gaza. Dat was het geval op 11 maart van dit jaar Mohammed schreef me dat hij zijn jongste dochtertje Layan opgegeven had voor de kleuterschool en Aliaa en Eliaa geregistreerd voor de basisschool. Het schoolgebouw was weliswaar niet beschikbaar omdat er vluchtelingen in woonden, maar je kunt -tussen de ruïnes van kapotgeschoten huizenblokken-ook in de openlucht les geven. Onderwijs is essentieel voor Palestijnen. En de kinderen waren sinds oktober 2023 niet meer naar school geweest.

Het optimisme was van korte duur. In de nacht van 17 op 18 maart hervatte Israël zijn bombardementen. In de eerste uren nadat Israël het staakt-het-vuren eenzijdig had verbroken kwamen vierhonderd mensen om het leven. ‘Wat kan ik meer zeggen dat het een vreselijke en angstaanjagende nacht was,’ appt Mohammed me ‘s ochtends. ‘We lagen te slapen en plotseling werden we bestookt met tientallen projectielen. De situatie is extreem moeilijk en gevaarlijk. Bid alsjeblieft voor ons.’

De oorlog is hervat. De familie van Mohammeds’ vrouw vlucht weer vanuit het noorden van Gaza naar Gaza-Stad. Het is het bekende scenario maar volgens Mohammed is de situatie nu ernstiger dan ooit tevoren. Er is nauwelijks voedsel en geen schoon drinkwater. ‘Elk moment wachten we op de dood. Ik ben vooral ook bang voor mijn vrouw en drie kinderen. Wat moeten zij als ik dood ga?’

Er zijn dagen dat Mohammed geen zin heeft om te schrijven. ‘Geen commentaar op wat er om ons heen gebeurt, Jan. Het is pure terreur. We are dying.’ Op maandag 31 maart stuurt hij me een paar foto’s van zijn kinderen. Ze hebben hun mooiste kleren aangetrokken want het is Eid al Fitr, Suikerfeest. Mohammed hoopt dat de meisjes hun angst en de bombardementen even kunnen vergeten. ‘Eid is in normale tijden een hoogtepunt voor de kinderen. We proberen er het beste van te maken.’ Maar dit jaar is Eid ‘dodelijk’ schrijft Mohammed later. Hat gezin gaat vaak met lege maag naar bed. De bakkerijen zijn gesloten. In heel Gaza is geen brood meer te krijgen. Het beetje bloem dat nog voorhanden is kost honderd dollar per zak, in plaats van tien dollar. Israël heeft Gaza volledig afgesloten. Vanaf begin maart komen er geen hulpgoederen, voedselhulp en medicijnen meer het gebied in. Uiteindelijk zijn de meisjes slechts één dag naar school geweest. ‘Overal loert gevaar. Elk moment kunnen we worden gedood. Ik probeer m’n kinderen de hele tijd in het oog te houden.

Steun: https://gofund.me/e0980b32

Ramadan in Gaza: honger wordt als wapen ingezet

Toen ik in maart 2024 de crowdfunding begon voor de familie van mijn vriend Mohammed Abu Afash in Gaza had ik niet verwacht dat een jaar later de inzamelingsactie nog steeds gaande en nodig zou zijn. De berichten uit Gaza zijn, nog steeds en wederom, zeer verontrustend. Israël weigert de afspraken van het wapenstilstandsakkoord na te komen en te onderhandelen over de tweede fase. Om Hamas onder druk te zetten gijzelt Israël de burgerbevolking van Gaza. Sinds zondag 2 maart komt er geen voedsel en humanitaire hulp de Gazastrook meer binnen. Israël gebruikt opnieuw het ook al eerder tijdens deze oorlog ingezette hongerwapen: een illegale en wrede manier van collectieve afstraffing waarvan de gehele bevolking het slachtoffer is.

Mohammed is bezorgd, zo laat hij weten. ‘Natuurlijk ben ik bang dat het slecht zal aflopen. Er is geen reden voor optimisme. Het sluiten van de grensovergangen is een oorlogstactiek waarvan wij, de burgers, zoals altijd de prijs moeten betalen’. De anders zo geliefde ramadan maand, die zaterdag begon, is dit jaar een sombere aangelegenheid, nu een mogelijke oplaaiing van de oorlog als een donkere wolk boven Gaza hangt.

Mohammed en zijn familie zien geen toekomst meer in Gaza maar vertrekken is op dit moment onmogelijk en geen serieuze optie. Daarom besteedt hij zijn tijd aan het provisorisch bewoonbaar maken van zijn zwaar beschadigde woning. De afgelopen dagen was hij bezig een kamer voor zijn drie dochtertjes af te schermen met op elkaar gestapelde stenen (cement is schaars en peperduur) en tentdoek.

Met het door ons ingezamelde geld helpt Mohammed ook andere mensen. Hij liet vorige week twee vrachtwagens met drinkwater komen, onder andere naar de wijk Jabalia – Tel al Zaatar.  De waterleiding in Gaza en de meeste waterputten zijn vernield tijdens de oorlog. Net als voedsel wordt water ingezet als oorlogswapen. Zonder drinkwater is immers geen leven mogelijk: water is een mensenrecht.

https://gofund.me/15bf945e

Trump en de vragen na 7 oktober

In José Saramago’s roman ‘Het stenen vlot’ ontstaat een scheur tussen Spanje en Frankrijk en dobbert het Iberisch Schiereiland langzaam de Atlantische Oceaan op. Op dezelfde magische wijze hoopten sommige Israëli’s dat Gaza de Middellandse Zee in zou drijven en langzaam uit het zicht verdwijnen. Om nooit meer terug te keren. Premier Rabin verzuchtte ooit dat hij op een ochtend wakker zou worden en dat Gaza door de zee verzwolgen zou zijn.

De afgelopen maanden riepen veel politici en opinieleiders in Israël, vooral ter rechter zijde, niet alleen op tot de vernietiging van Hamas, maar ook tot het verdwijnen van alle Palestijnen uit Gaza. ‘Als gevolg van de brute slachtpartij op 7 oktober hebben de Arabieren van Gaza het recht verloren daar te zijn,’ zei kolonistenvoorvrouw Danielle Weiss bijvoorbeeld vorig jaar. ‘Ze zullen vertrekken naar verschillende landen in de wereld, ze zullen hier niet blijven.’ Weiss staat lang niet alleen in haar radicale opvattingen. Veel Israëli’s lieten vorig jaar blijken de gehele Palestijnse bevolking in Gaza te zien een existentiële bedreiging.

Het gaat niet alleen om angst voor terrorisme of nieuwe gewapende overvallen van Palestijnse militanten. Het diepgewortelde ongemak over Gaza heeft ook te maken met de ontstaansgeschiedenis van Israël. Het overgrote deel van de Palestijnse bevolking in Gaza bestaat uit de nazaten van de vluchtelingen van 1948.

Gaza is als het ware een levend litteken van de ‘erfzonde’ waardoor Israël 77 jaar geleden het licht kon zien: de verdrijving van meer dan zevenhonderdduizend Palestijnen uit hun land. Door Gaza worden Israëli’s er, bewust of onbewust, permanent aan herinnerd dat iets moet worden gedaan aan de ‘Palestijnse kwestie’. Behalve natuurlijk als je op de delete knop kunt drukken en die Palestijnen als het ware kunt uitwissen. President Trump lijkt die magische verdwijntruc uit zijn mouw te hebben getoverd.

Nadat Trump tijdens zijn eerste ambtstermijn de Israëlische soevereiniteit over Oost-Jeruzalem en de bezette Syrische Golanhoogte had erkend, geeft hij nu met het opheffen van het taboe op een bevolkingstransfer een nieuw groot cadeau aan rechts Israël. Al vanaf het begin van de bommenregen op Gaza verdachten sommige analisten Israël ervan dat één van de oorlogsdoelen, misschien wel het belangrijkste, was de Palestijnse bevolking uit het gebied te verjagen. En met de bevolking ook de ‘dreiging’ van een tweestatenoplossing. Door de ogen van een groot deel van de Israëlische media liet het oorlogsverhaal van de afgelopen anderhalf jaar zich immers lezen als een kroniek van de aangekondigde dood van de Palestijnse aspiraties en zelfs van de Palestijnen als volk.

Het diepgevoelde verlangen naar het wegsmelten van de Palestijnse factor verklaart misschien (in ieder geval mede) de massale onverschilligheid in Israël voor de dood van zoveel kinderen en onschuldige burgers in Gaza. Het dehumaniseren was gemakkelijker geworden na de Hamasaanval van 7 oktober.

Maar de reacties op de gebeurtenissen van 7 oktober zijn niet alleen te verklaren uit een toxisch mengsel van angst, wraak en schuld. Ze zijn ook gebruikt, georkestreerd en aangewakkerd door een overheid met een ideologische agenda. De vernietiging van leven en toekomstige levensvatbaarheid van Gaza en de categorische weigering van Netanyahu het gesprek aan te gaan over de toekomst van het minigebied, the day after, wijzen ook op een berekende strategie: niet alleen afrekenen met Hamas maar met alle Palestijnen in Gaza.

In die zin kwam de Hamas-actie van 7 oktober als geroepen, want het gaf Israël een voorwendsel te doen waarvan het al lange tijd niet had durven dromen.

In tegenstelling tot de mythe van een regio vol vijandelijke Arabieren en moslims die geen kans onbenut laten de weerloze, Joodse staat aan te vallen, heeft Israël in zijn 77-jarige geschiedenis zelf vaker de aanval geopend op Palestijnen en op Arabische buurlanden, dan dat het aangevallen werd. Al in de ‘onafhankelijkheidsoorlog’ van 1947-’48 probeerde Israël zoveel mogelijk gebieden te veroveren die bij het VN-verdeelplan aan de Arabische bevolking van Palestina waren toegewezen.

Ook de Sinaï-oorlog van 1956, de Junioorlog van 1967 waarbij Israël delen van Egypte, Syrië en Jordanië veroverde en de inval in Libanon in 1982 waren ‘preventieve’ oorlogen. De eerste schoten werden telkens gelost door Israël. Vooral de Libanon-oorlog in de jaren tachtig heeft treffende paralellen met de Gaza-oorlog. Ook toen probeerde Israël Palestijnse nationale aspiraties voor eens en altijd het zwijgen op te leggen. De ‘Palestijnse factor’ in de regio, destijds belichaamd door de PLO, moest verdwijnen.

Als correspondent in Beiroet berichtte ik begin 1982 maandenlang over de Israëlische provocaties die een reactie van de PLO moesten uitlokken. Israël zou dan een legitieme reden hebben om de oorlog tegen de PLO in Libanon te beginnen. Uiteindelijk werd de aanslag op de Israëlische ambassadeur Shlomo Argov in Londen aangegrepen als voorwendsel om Libanon binnen te vallen. Het Israëlische leger trok op naar Beiroet en de PLO werd na maandenlange strijd Libanon uitgejaagd ten koste van veel mensenlevens en verwoestingen 

Dat de aanslag op Argov niet door een lid van de PLO maar door de door Irak gefinancierde terreurgroep Abu Nidal werd gepleegd, was tenslotte niet meer dan een cynische voetnoot bij het Israëlische streven de PLO te vernietigen. De Britse journalist Robert Fisk zou later schrijven dat de aanslag op Argov op touw was gezet door Abu Nidals’ opdrachtgever Saddam Hoessein. Saddam vermoedde -terecht- dat Israël het incident zou aanwenden voor een invasie in Libanon. Hij hoopte daarop zodat het in Libanon aanwezige Syrische leger verzwakt zou worden.

Eigenlijk is alleen de oktoberoorlog van 1973 (de Jom Kippoeroorlog), waarbij Syrië en Egypte Israël binnenvielen om bezet gebied terug te veroveren, een echte verassingsoorlog gebleken. De Israëlische politieke en militaire leiders waren, in eerste instantie, onvoorbereid op het offensief van de Arabische legers. Overmoed, zelfgenoegzaamheid en racisme speelden een belangrijke rol bij het in de wind slaan van informatie over militaire voorbereidingen die, zo bleek achteraf, wel voorhanden was.

Speelde iets soortgelijks aan de vooravond van 7 oktober? Tot dusver heeft de Israëlische regering een officieel onderzoek afgewezen. Stafchef Herzi Halevi is een van de weinigen in de legertop die zijn verantwoordelijkheid nam en binnenkort aftreedt. Hij gaf toe dat de militairen en inlichtingendiensten faalden. Daardoor was het mogelijk dat Hamas haast 1.200 Israëli’s doodde in enkele kibboetsiem en legerbases aan de rand van Gaza en op het Nova muziekfestival.

Prangende vragen over wat er gebeurde tijdens de vooravond van 7 oktober blijven onbeantwoord. Gaza was omgeven door hoogwaardige technologische surveillance apparatuur. Daarnaast waren er ‘spotters’ actief, jonge vrouwelijke militairen van rond de twintig, die dag en nacht vijandelijke activiteiten aan de grens met Gaza moesten monitoren. Achteraf is gebleken dat deze ‘spotters’ de grootscheepse operatie van Hamas wel degelijk hadden zien aankomen.

Vanuit hun uitkijkpost Nahal Oz op enkele honderden meters van Gaza, die op 7 oktober door Hamas zou worden overvallen, zagen ze dat Palestijnse militanten maandenlang intensief trainden voor een grootscheepse aanval. De ‘meisjes’, zoals ze in Israël vaak worden aangeduid, rapporteerden hun verontrustende bevindingen aan de legerleiding, maar die deed er niets mee. Ze werden kennelijk niet serieus genomen. Of was er iets anders aan de hand?

De ‘spotters’ betaalden een hoge prijs voor de apathie van hun militaire meerderen: vijftien van hen kwamen om het leven bij de Hamas-aanval op Nahal Oz en zeven werden ontvoerd. Eén ontvoerd lid van de groep werd in Gaza gedood, een andere ontvoerde ‘spotter’ werd in oktober 2023 door het Israëlische leger bevrijd. De overige vijf werden eind januari vrijgelaten tijdens de eerste fase van het staakt-het-vuren tussen Israël en Hamas.

Het is onwaarschijnlijk dat de politieke en militaire beleidsmakers in Israël de aanval van 7 oktober in zijn volle, gruwelijke omvang hebben zien aankomen en laten gebeuren. Maar het is tegelijkertijd onwaarschijnlijk dat de legerleiding totaal niet op de hoogte was van de aanvalsplannen van Hamas.

Hamas was Israëls ‘favoriete vijand’. Het door Hamas geleide bestuur in Gaza werd jarenlang door Israël getolereerd en gefaciliteerd. Ratio was om de Palestijnse Autoriteit in Ramallah te verzwakken en om een excuus te hebben Gaza van de buitenwereld af te grendelen. Van tijd tot tijd werd ‘het gras gemaaid’ en werden Hamasposities in Gaza gebombardeerd. 

Ooit zullen de ‘spotters’ en vele anderen antwoorden moeten krijgen op de dringende vragen over 7 oktober, wat er aan vooraf ging en het drama in Gaza wat daarna volgde. In de giftige Israëlisch-Palestijnse dynamiek van provocaties, voorwendsels en uitwissing is in ieder geval bevolkingstransfer nu, door Trump, op het hoogste niveau bespreekbaar gemaakt.

Staakt-het-vuren kan niet snel genoeg komen

Voor Mohammed Abu Afash kan zondag niet snel genoeg komen. Zondag 19 januari zal in principe het akkoord tussen Israël en Hamas in werking treden. De Israëlische aanvallen zouden dan in principe moeten stoppen, de eerste gijzelaars vrijkomen en de Rafah-grensovergang tussen Egypte en Gaza heropenen. Dat betekent dat de eerste zieken en zwaargewonden, die urgent medische hulp nodig hebben, Gaza kunnen verlaten en dat er meer humanitaire hulp Gaza binnengelaten kan worden.

‘Beste Jan, ondanks alle pijn en verwoestingen ben ik erg blij,’ schrijft Mohammed me vrijdagochtend. Dit is het staakt-het-vuren waar de bevolking in Gaza al zo lang naar uitkeek. Mohammed verloor zijn huis en zijn winkel tijdens de oorlog. Zijn drie dochtertjes Eiaa, Aliaa en Layan konden niet naar school. De familie moest verschillende keren vluchten en leefde de afgelopen maanden in Mawasi, een tentenkamp in het zuiden van Gaza voor ontheemde Palestijnen. Het kamp was door Israël aangewezen als ‘veilige zone’, maar echt veilig was het er niet. Verschillende keren waren er luchtaanvallen op het kamp, in sommige gevallen gevaarlijk dicht bij de tent van de familie Abu Afash. Daags voor kerst was er nog een aanval waarbij granaatsplinters hun tent beschadigde. Gelukkig kwam het gezin met de schrik vrij, maar enkele meters verderop vonden zeven Palestijnen de dood in brandende tenten.

Sinds maart loopt onze crowdfunding voor de familie van Mohammed. Als zijn telefoon bereik had hield hij me, via Whatsapp, op de hoogte van het leven in het vluchtelingenkamp: van de ontberingen, de kou, de vermoeidheid, de onzekerheid en het geweld. Een paar weken geleden liet Mohammed een tankwater met drinkwater komen voor zijn sectie van het kamp (zie de foto’s). Het ingezamelde geld was niet alleen voor hem en zijn gezin, maar ook voor de mensen om hem heen.

Hoe het nu verder gaat is onduidelijk. Al in april hebben we, met de opbrengst van deze crowdfunding, “coördinatiegeld” betaald in Cairo zodat de familie kan uitreizen naar Egypte. Of en wanneer het vertrek naar Egypte alsnog zal plaatsvinden moet in de komende tijd duidelijk worden. Voorlopig blijft de familie in Mawasi en is het gevaar nog niet geweken. In de uren na de bekendmaking van het akkoord voerde Israël nog aanvallen uit waarbij 73 Palestijnse doden vielen. Het akkoord is nog niet van kracht en er zijn nog een aantal losse eindjes, waarbij beide partijen elkaar beschuldigen van kwade trouw.

Op verzoek van Mohammed gaan we door met de crowdfunding. Het ingezamelde geld blijft hij gebruiken voor de aankoop van voedsel, water, dekens enzovoorts, voor zijn gezin en naaste omgeving. En hopelijk blijft er geld over om straks, in een nieuwe, onzekere fase als de wapens eindelijk zwijgen, een nieuw leven op te bouwen.

https://gofund.me/15bf945e (klik voor donaties)

Ceasefire Can’t Come Soon Enough

For Mohammed Abu Afash, Sunday can’t come soon enough. In principle, the agreement between Israel and Hamas will come into effect on Sunday, January 19. The Israeli attacks should then stop, the first hostages should be released and the Rafah border crossing between Egypt and Gaza should reopen. This means that the first sick and seriously injured people who urgently need medical care can leave Gaza and that more humanitarian aid can be allowed into Gaza.

‘Dear Jan, despite all the pain and destruction, I am very happy,’ Mohammed wrote to me on Friday morning. This is the ceasefire that the people of Gaza have been looking forward to for so long. Mohammed lost his home and his shop during the war. His three daughters Eiaa, Aliaa and Layan could not go to school. The family had to flee several times and in recent months they lived in Mawasi, a tent camp in the south of Gaza for displaced Palestinians. The camp had been designated by Israel as a ‘safe zone’, but it was not really safe there. There were several air raids on the camp, in some cases dangerously close to the Abu Afash family’s tent. The day before Christmas there was another attack in which shrapnel damaged their tent. Fortunately, the family escaped unscathed, but a few meters further on seven Palestinians were killed in burning tents.


Our crowdfunding for Mohammed’s family has been running since March. When his phone had reception, he kept me informed, via WhatsApp, about life in the refugee camp: about the hardships, the cold, the fatigue, the uncertainty and the violence. A few weeks ago Mohammed had a tank of drinking water delivered to his section of the camp (see the photos). The money raised was not only for him and his family, but also for the people around him.
It is unclear what will happen next. In April, we already paid “coordination money” in Cairo with the proceeds from this crowdfunding so that the family can travel to Egypt. Whether and when the departure to Egypt will still take place will have to become clear in the coming period. For the time being, the family will remain in Mawasi and the danger has not yet passed. In the hours after the announcement of the agreement, Israel carried out further attacks that killed 73 Palestinians. The agreement has not yet entered into force and there are still a number of loose ends, with both parties accusing each other of bad faith.
At Mohammed’s request, we will continue with the crowdfunding. He will continue to use the money raised to buy food, water, blankets, etc. for his family and immediate surroundings. And hopefully there will be money left over to build a new life in a new, uncertain phase when the guns finally fall silent.