Journalisten: ga niet op de tenen van Marokko staan

Kunnen buitenlandse media een land beledigen? Marokko vindt van wel. Het Noord-Afrikaanse koninkrijk spande in 2021 rechtszaken aan tegen het gerenommeerde weekblad Die Zeit en het eveneens zeer serieuze dagblad Süddeutsche Zeitung.

De autoriteiten in Rabat waren woest over de onthullingen over het gebruik van Pegasus-spyware door de Marokkaanse inlichtingendienst. Volgens het journalistieke onderzoek, uitgevoerd in samenwerking met Forbidden Stories, werden journalisten, mensenrechtenactivisten, advocaten en politici afgeluisterd door de geheime dienst.   

Marokko probeerde een gerechtelijk bevel te krijgen om de berichtgeving als ‘lasterlijk’ te laten verbieden. Gelukkig werkt dat zo niet in Duitsland. Lagere rechtbanken wezen het Marokkaanse verzoek af als ongegrond. Marokko ging verschillende keren in beroep, maar eind februari heeft de hoogste juridische instantie in Duitsland, het Bundesgerichtshof in Karlsruhe, geoordeeld dat ‘een buitenlands land geen recht heeft op juridische stappen tegen binnenlandse media’.

Adjunct-hoofdredacteur van Die Zeit, Holger Stark, reageerde verheugd op het vonnis. ‘Deze beslissing geeft een belangrijk signaal af voor de persvrijheid en de onderzoeksjournalistiek, met name voor onderzoeken met een internationale relevantie. De zaak draaide om de fundamentele juridische vraag of een buitenlandse staat een beroep kan doen op de Duitse mediawetgeving om een klacht wegens laster in te dienen.’

Marokko heeft een getroebleerde verhouding met de journalistiek. Dat geldt zowel voor de binnenlandse onafhankelijke journalistiek, die nauwelijks wordt getolereerd, als voor de berichtgeving over Marokko in de buitenlandse media. Met name journalisten in het noordelijke buurland Spanje, voelen de druk van de Marokkaanse overheid om zich te houden aan de officieel goedgekeurde lezing van het nieuws.

Journaliste Sonia Moreno werkte van 2010 tot 2020 als correspondent in Marokko voor verschillende Spaanse media. Uiteindelijk werd haar persaccreditatie ingetrokken en moest ze noodgedwongen Marokko verlaten. Eind vorig jaar kwam haar boek Marruecos, el vecino incomodo uit, Marokko, de ongemakkelijke buur. Het boek behandelt de regeerperiode van de huidige koning Mohammed VI: de politiek en binnenlandse protesten, de economie, de bezetting van de Westelijke Sahara en de verhouding met Europa en het buurland Spanje.

Moreno geeft een ontluisterend beeld hoe het is om als correspondent in Marokko te werken. Ze was geaccrediteerd journalist en woonde in Marokko, maar als ze een bezoek bracht aan Spanje, was ze altijd bang dat ze niet meer terug zou kunnen keren. “Tien jaar lang met die druk leven is heel zwaar,” zegt ze in een interview. “De zelfcensuur is verschrikkelijk, je verzint bepaalde woorden.”

In het boek beschrijft ze verschillende vormen van druk die ze ondervond: bedreigingen, laster in de door de Marokkaanse overheid gecontroleerde media en telefoontjes naar haar bazen in Spanje en naar bronnen. Ze werd afgeluisterd met spy- en tracking software die illegaal op haar telefoon was geïnstalleerd. De inlichtingendienst verzamelde allerlei gegevens over haar locatie, verplaatsingen, contacten en de foto’s die ze maakte.

Moreno maakt gewag van het aanbod van exorbitante geldbedragen om “goede reportages” over Marokko te schrijven. Ze onthult een anekdote uit 2010. Pas aangekomen in Marokko als correspondent stuurde haar opdrachtgever, de krant Público, haar naar het Gdeim Izik-kamp aan de rand van El Aaiún. Duizenden inwoners van de Westelijke Sahara protesteerden daar tegen de bezetting en schending van de mensenrechten. Om problemen te voorkomen en niet te worden weggestuurd uit Marokko, schreef ze haar reportage niet onder haar eigen naam, maar maakte ze gebruik van een pseudoniem.

Het lukte Moreno niet de mediablokkade rond de Westelijke Sahara te doorbreken.  Ondanks dat ze officieel geaccrediteerd was in Rabat, kon ze in het gebied niet vrijelijk werken. Moreno bezocht wel enkele keren de Saharaanse stad Dakhla, een toeristische trekpleister aan de Atlantische kust.  Maar ze werd daar voortdurend in de gaten gehouden door regeringsfunctionarissen. “Ik mocht geen straat oversteken om met activisten te praten of uit de auto te stappen om foto’s te maken. Om contact met de werkelijkheid te vermijden, werden we ondergebracht in tenten midden in de woestijn en in luxe resorts die ontoegankelijk zijn voor de lokale bevolking.”

Journalist Ignacio Cembrero is een andere gebeten hond voor de Marokkaanse overheid. Cembrero werkte jarenlang voor de Spaanse krant El País, onder andere als correspondent in Beiroet en Rabat. Sinds enkele jaren is hij de Noord-Afrika specialist van de nieuwswebsite El Confidencial.  De Marokkaanse overheid probeerde de afgelopen jaren vier keer met rechtszaken in Spanje Cembrero het zwijgen op te leggen, onder andere met de beschuldiging dat hij terrorisme zou verdedigen. Vier keer werd de Marokkaanse overheid door rechtbanken in het ongelijk gesteld.

Cembrero voorgesteld als ‘letterknecht’ van het Algerijnse leger, op een cartoon in het Marokkaanse blad L’Afrique Adulte

Behalve rechtszaken en brieven aan de hoofdredactie van El Confidential, probeert Marokko de kritische journalist Cembrero in diskrediet te brengen met campagnes op sociale media en in de semi-officiële bladen. Doel is zijn geloofwaardigheid aan te tasten. Zo publiceerde L’afrique Adulte eind februari een uitgebreid artikel waarin Cembrero er onder andere van wordt beschuldigd journalistiek te bedrijven in dienst van het Algerijnse regime. Met AI gegenereerde filmpjes en spotprenten moeten die boodschap kracht bij zetten.

Het is een absurde beschuldiging als je het werk van Cembrero kent, die zeker ook kritisch bericht doet over Algerije. Maar de cartoons en mediacampagnes werken, hoe dan ook, intimiderend. Het is fascinerend en tegelijkertijd ontluisterend hoe een overheid, zoals de Marokkaanse, in journalisten als Sonia Moreno, Ignacio Cembrero en andere collega’s, gevaarlijke staatsvijanden ziet.  

Met het WK Voetbal in 2030 in het verschiet, dat behalve in Spanje en Portugal in Marokko wordt gespeeld, zal het Noord-Afrikaanse land zeker onder het journalistieke vergrootglas komen te liggen. Alle bezoekende verslaggevers zijn gewaarschuwd: als je de eer van je Marokkaanse gastheren te veel aantast, zwaait er wat.